WZC Veilige Have maakte van losse initiatieven een samenhangend kwaliteitsverhaal.
Met de hulp van het Menso-model bouwden ze stap voor stap aan meer structuur, betrokkenheid en eigenaarschap.
Bewoners, familie en medewerkers denken mee via werkgroepen en een Raad der Wijzen, waardoor kwaliteit zichtbaar en voelbaar werd in de hele organisatie.
Het Menso-label werd zo geen eindpunt, maar een bekroning van een traject dat blijft leven in de organisatie.
“Menso is mensgericht, concreet en haalbaar. Dat maakt het prettig om ermee aan de slag te gaan.”
Een traject van structuur, betrokkenheid en groei
In 2020 besloot WZC Veilige Have om haar kwaliteitswerking grondig te herbekijken.
Projecten liepen vaak goed aan, maar raakten zelden duurzaam ingebed. Procedures waren moeilijk terug te vinden en de kwaliteitscoördinator miste het overzicht.
“We deden veel, maar het was moeilijk om te weten wie waarmee bezig was,” vertelt Barbara Mouton, kwaliteitscoördinator.
Tot dan werkte de organisatie met PREZO, maar dat systeem bleek te zwaar en weinig werkbaar voor het team. De overstap naar MENSO bood de kans om kwaliteit opnieuw te benaderen vanuit de mens achter de zorg.
Barbara voelde meteen de klik: “Menso is mensgericht, concreet en haalbaar. Dat maakt het prettig om ermee aan de slag te gaan.”
De eerste kwaliteitsscan bevestigde wat goed liep, maar maakte ook zichtbaar waar nog groeikansen lagen.
Op bewonersvlak stond Veilige Have al sterk, maar het welzijns- en HR-beleid voor medewerkers kon beter. Dat besef zorgde voor een duidelijke focus in de vervolgstappen.
Wat Barbara bijzonder waardeert, is dat Menso ruimte laat om keuzes te maken.
Niet alle prestaties worden tegelijk aangepakt: het huis kiest bewust waar het de meeste impact kan maken.
Die flexibiliteit gaf ademruimte en motiveerde het team om voortgang te blijven boeken.
Eén van de grootste veranderingen was de nauwere samenwerking tussen de verschillende partijen.
Bewoners, familie, medewerkers en vrijwilligers werden van bij het begin betrokken in werkgroepen en overlegmomenten.
Er kwamen nieuwe werkgroepen, een menuraad en zelfs een “Raad der Wijzen” waar thema’s als wonen, welzijn en communicatie structureel besproken worden.
“Door bewoners en familie meteen te betrekken, voelt iedereen zich gehoord en groeit het draagvlak vanzelf,” zegt Barbara.
Ook intern veranderde de aanpak. De kwaliteitsdienst leerde intern auditen als leermoment in plaats van controlemechanisme. Zo ontstond een cultuur waarin feedback en bijsturing normaal zijn.
De aanpak kreeg extra kracht door kwaliteitsborden de medewerkers en bewoners laten stilstaan en nadenken over verschillende onderwerpen en acties laten bedenken. Ze tonen in één oogopslag de voortgang van projecten en brengen de PDCA-cyclus tot leven (hier staan we voor, hier werken we aan,…)
Een concreet voorbeeld is het project rond voedselverlies.
Door nulmetingen en jaarlijkse opvolging daalde de verspilling aanzienlijk.
Overschotten worden bijvoorbeeld
Dergelijke acties gebeuren niet langer ad hoc, maar zijn structureel verankerd in het beleid.
De resultaten van het kwaliteitstraject zijn niet alleen zichtbaar, maar vooral voelbaar.
De reflex om bewoners en familie te betrekken is vanzelfsprekend geworden en de communicatie binnen het huis is transparanter dan ooit.
Een eigen magazine, Havesprokkels, deelt nieuws, verhalen en projecten met medewerkers, vrijwilligers en familie, waardoor iedereen zich meer verbonden voelt.
Ook de strategische werking kreeg meer diepgang.
Doelstellingen worden niet langer enkel op papier gezet, maar ook vertaald naar concrete projecten die in werkgroepen uitgewerkt en opgevolgd worden.
Medewerkers ervaren meer eigenaarschap en trots, en het kwaliteitsdenken leeft tot op de werkvloer.
Veilige Have koos heel bewust voor een audit te laten uitvoeren. Dat die leidde tot het behalen van het Menso-label was voor velen een bevestiging, de kers op de taart.
Wat eerst spannend leek, werd een warm moment van erkenning: auditors uit het werkveld herkenden het engagement en de cultuur van het huis.
Het label werd niet gezien als eindpunt, maar als een bekroning van een traject dat al leefde.
Voor Barbara betekende dit traject ook persoonlijke groei.
Ze startte ooit als verpleegkundige, werd diensthoofd en later stafmedewerker zorg.
De overstap naar kwaliteitscoördinator was spannend, maar met ondersteuning van RS health (nu Probis) en Menso-coach Pauline vond ze haar rol.
“De coach hield ons scherp en gaf richting, maar ze liet ons vooral zelf groeien,” zegt Barbara. “Zonder die begeleiding hadden we niet bereikt wat we vandaag hebben.”
De rol van de coach bleek essentieel: als klankbord, motivator en verbindende factor tussen strategie en dagelijkse praktijk.
Vandaag bouwt Barbara samen met haar team verder aan een kwaliteitscultuur die verankerd is in de organisatie.
Ze blijft actief in de kwaliteitskring, waar ze ervaringen uitwisselt en inspiratie opdoet.
Voor haar is Menso veel meer dan een kwaliteitssysteem: het is een manier van denken die de organisatie warmer en sterker maakt.
“Met Menso sta je stil bij dingen waar je anders niet aan denkt. Het helpt je om kwaliteit breder te bekijken — niet als proces, maar als deel van wie je als organisatie en als mens bent.”